De Rijn en het omliggende landschap maken, zeker op mooie dagen, een bedrieglijk rustige indruk. Maar tot 150 jaar geleden stond dit door weilanden, knotwilgen en sloten gedomineerde landschap bloot aan het geweld van de Rijn. "En rustig stroomt de Rijn", dichtte Heinrich Heine dan wel in zijn Lorelei, maar dat was echt niet altijd zo. Het water kon met zo'n kracht door de dijken breken dat het landschap binnen een paar uur onherkenbaar was veranderd. Het woord Wooj vind zijn oorsprong in dat fenomeen. Het is namelijk een vijver die achterblijft na een dijkdoorbraak. In hoog tempo door het gat kolkend water boort als het ware een kuil in de grond. Als het hoogwater weer wegtrekt, blijft hier een soort vijvertje achter. Op deze plek brak de dijk bij een overstroming in de negentiende eeuw. En tot op de dag van vandaag ligt direct achter de hoofddijk nog steeds de Droste Woy, een langgerekte plas die toen is ontstaan. Tegenwoordig maakt het deel uit van een 600 hectare groot natuurgebied. De steile westelijke oever biedt ideale broedmogelijkheden voor de ijsvogel. Het komt niet vaak voor, maar mogelijk is het zeker: een aalscholver met zijn diepzwarte of blauwe verenpracht in het echt bewonderen. Het is een spectaculair gezicht wanneer er een in scheervlucht boven het water vliegt op zoek naar buit. Is de buit gespot, dan maakt het dier een plotselinge duikvlucht, letterlijk het water in, om het gewenste maaltje te vangen. Het dichte struikgewas aan de oevers is voor veel vogels, insecten en knaagdiertjes een fijne leefomgeving en dat geldt ook voor gestorven iepen. Hun oude stammen vol openingen zijn een paradijs voor insecten, maar ook voor steenuilen en verschillende soorten vleermuizen. In tijden waar deze diersoorten zeer bedreigd zijn, zijn natuurgebieden als de Droste Woy extra belangrijk.

Terug

Droste Woy

Het natuurgebied Droste Woy of: wat is een Wooj?

De Rijn en het omliggende landschap maken, zeker op mooie dagen, een bedrieglijk rustige indruk. Maar tot 150 jaar geleden stond dit door weilanden, knotwilgen en sloten gedomineerde landschap bloot aan het geweld van de Rijn. "En rustig stroomt de Rijn", dichtte Heinrich Heine dan wel in zijn Lorelei, maar dat was echt niet altijd zo. Het water kon met zo'n kracht door de dijken breken dat het landschap binnen een paar uur onherkenbaar was veranderd. Het woord Wooj vind zijn oorsprong in dat fenomeen. Het is namelijk een vijver die achterblijft na een dijkdoorbraak. In hoog tempo door het gat kolkend water boort als het ware een kuil in de grond. Als het hoogwater weer wegtrekt, blijft hier een soort vijvertje achter. Op deze plek brak de dijk bij een overstroming in de negentiende eeuw. En tot op de dag van vandaag ligt direct achter de hoofddijk nog steeds de Droste Woy, een langgerekte plas die toen is ontstaan. Tegenwoordig maakt het deel uit van een 600 hectare groot natuurgebied. De steile westelijke oever biedt ideale broedmogelijkheden voor de ijsvogel. Het komt niet vaak voor, maar mogelijk is het zeker: een aalscholver met zijn diepzwarte of blauwe verenpracht in het echt bewonderen. Het is een spectaculair gezicht wanneer er een in scheervlucht boven het water vliegt op zoek naar buit. Is de buit gespot, dan maakt het dier een plotselinge duikvlucht, letterlijk het water in, om het gewenste maaltje te vangen. Het dichte struikgewas aan de oevers is voor veel vogels, insecten en knaagdiertjes een fijne leefomgeving en dat geldt ook voor gestorven iepen. Hun oude stammen vol openingen zijn een paradijs voor insecten, maar ook voor steenuilen en verschillende soorten vleermuizen. In tijden waar deze diersoorten zeer bedreigd zijn, zijn natuurgebieden als de Droste Woy extra belangrijk.

Naar het overzicht Naar het overzicht