zand- en grindgaten

Een cadeau aan de natuur

Voor de natuur was het nooit goed nieuws als de mensheid ergens bodemschatten vond. Of het nu gaat over olie, kool of zeldzame mineralen – het winnen van begeerde grondstoffen heeft altijd enorme gevolgen voor het landschap. Meer dan vroeger wordt daarom gekeken of het echt wel noodzakelijk is de stoffen uit de grond te halen.

Hier langs de Nederrijn hebben de mensen het al tijden voorzien op zand en grind. Deze grondstoffen zijn hier in ruime mate aanwezig dankzij gletsjers in de IJstijd en de oude waterlopen, de voorgangers van de Rijn en de Maas, die hier stroomden. Er is hier in de omgeving al heel veel afgegraven - zo ontstonden er grote zand- en grindgaten – en dat werk gaat nog steeds door. Maar als er nieuwe vergunningen worden uitgegeven, moeten eenmaal afgegraven groeves weer worden teruggegeven aan de natuur. Dat lukt ook steeds beter omdat we steeds beter begrijpen hoe ecologische structuren precies in elkaar zitten.

Economisch nut wordt zo gekoppeld aan natuurbescherming. Dankzij de winning van zand en grind ontstaan er leefgebieden met een hogere ecologische waarde dan het oorspronkelijke landschap. Kijk maar eens om u heen. Alle meren die we zien, zijn oude grind- of zandgaten. Samen vormen ze een divers mozaïek: vissen, vogels, amfibieën en zelfs bevers hebben hier een plek gevonden. Dat de meren eigenlijk niet natuurlijk zijn, is nauwelijks nog te zien en doet geen afbreuk aan hun waarde voor de mens, die hier een heerlijke plek heeft gevonden om te ontspannen, en voor de zeldzame planten en dieren die er leven. Zeker als we bedenken dat bijna het volledige Europese landschap door mensenhand is gemaakt, is authenticiteit misschien niet meer van doorslaggevend belang. Het is in elk geval wel van belang dat we er in slagen zoveel mogelijk ecologisch waardevolle gebieden te behouden en te creëren. Zo beschermen we planten en dieren. En daarvan profiteren wij mensen uiteindelijk ook.

Naar het overzicht Naar het overzicht