Goed water uit een bron

Ein Teil der römischen Wasserleitung, die das Quellwasser transportierte

In de afzettingen uit de ijstijd op de Nederrijnse hoogtes rondom Xanten ontspringen talrijke bronnen. Hier komt met andere woorden grondwater aan de oppervlakte. Bronnen ontstaan als in hoger gelegen gebieden waterondoorlatende lagen, zoals  klei, verhinderen dat regenwater in de grond tot bij het grondwater sijpelt.

In de regio van Xanten tot Sonsbeck werden de meest productieve bronnen van de Hees, de Fürstenberg en de Balberger Hoogtes reeds door de Romeinen geëxploiteerd en werd hun water door middel van zowel boven- als ondergrondse waterleidingen naar het antieke Xanten getransporteerd. Aangetroffen originele resten van deze waterleidingen zijn onder andere bij de houtvesterswoning van Hasenacker in het Tüschenwoud en op het dorpsplein van Labbeck zichtbaar.

De bronnen vallen echter niet erg op. Zij liggen immers grotendeels verstopt, vaak ook op privéterreinen. Velen weten waarschijnlijk niet eens dat de vijvers waar zij langs wandelen of fietsen rechtstreeks uit een bron ontstaan. Zo uitgesproken en sterk vloeiende natuurlijke waterbronnen als hier zijn in de gehele Nederrijn normaal gezien zelden te vinden.

De waterschenker van de bron bij het Hartogshof is bijvoorbeeld zo productief dat er hele visvijvers mee gevuld kunnen worden, en vroeger werden zelfs de melkkannen ermee gekoeld. Ten noorden van het Köppenhof is er nog een brongebied dat eveneens een hele reeks visvijvers voedt. Deze bron genereert immers 120 liter water per minuut – voor de Nederrijn een aanzienlijke waarde. En ook de vijvers in het Tüschenwoud en aan de Hees zouden er zonder deze bronnen niet zijn.

Weergeven in kaart